Vriendje van 2 ❤️

Vriendje van 2 ❤️


Lief vriendje,

Wat een dag.
Wat een week, en wat een jaar!
Jarig, ziek geweest en feesten,
Feesten vol Liefde met elkaar.

Vandaag twee kaarsjes en een kusje,
Buitenspelen,
Op de fiets.
Niet fietsen buiten,
Mag dat binnen?
Jij bent jarig, dus jij kiest.

Vandaag konden we vrolijk vieren
Twee jaar al,
Gezin van vier.
Vandaag kwamen ze Liefde brengen,
trots op jou, kleine meneer.

Wij vieren feest.
Wel wat voorzichtig.
Een groots feestje in het klein.
Lieve zucht naast ons in bed nu…

Lieve Boef, dit jaar was fijn!
❤️

Als meisjes gaan dromen

Als meisjes gaan dromen

Keukentafel-gebabbel:

“Jullie zijn verliefd hè? Dat zie ik aan jullie gezichten. Jullie lachen elke keer zo naar elkaar.

Hmmmm… Ik weet nog niet wie later míjn lieffie wordt… Maar ik denk T.!

Niet I. hoor.”

Papa: “Waarom dan niet? Die is toch ook superlief?”

“Ja. Nou, maar dat is toch een meisje?”

“Ohhh zo!

Nou weet je. Jij mag helemaal zelf kiezen wie later je lieffie wordt.”

<stralend gezichtje>

“Oh dan neem ik twee meisjes! Èn twee jongens!”

“Juist ja. Misschien wordt dát toch een beetje teveel zelf kiezen van het goede.”

Zelf mogen kiezen wie je lieffie wordt. Wat een cadeautje ❣️ 🙌

#LoveIsLove #OnsVrouwtje #Zelfgemaakt 😎

Kon ik je maar opnemen… 

Kon ik je maar opnemen… 


Kon ik je maar opnemen.
Niet alleen je stem, je lach, je blik… 

Maar jij. Jouw hele jij. 
En vooral ook jij-en-ik.

Zoals je ruikt
Wanneer je soezig wakker wordt.
Of heerlijk geurt, zo vers uit bad. 

Zoals je voelt
als ik door je babyhaartjes zoen.
Of je bolle wangen, als we weer een grote glimlach doen.

Die glimlach is niet weg te denken
Je tevredenheid een bijzonder cadeau. 
We kunnen niet wachten te zien waar je heen vaart, 
Maar toch: stil de tijd. Heel even… Zo. ❤️

~
Lieve, kleine Mankey van ons,
Wat is het leven toch een feest met zo’n heerlijk lachende jodokus erbij.

We ontdekken alweer een jaar met jou, voor jou en door jou. 

Gefeliciteerd lief Broertje,
“Fijn dat jij eh bent!”

~

Ode aan Opa Boot 

Ode aan Opa Boot 

O P A   B O O T


Dinsdagavond 23.00u.
Er gebeurt genoeg om over na te denken de laatste tijd en plots bekruipt me een gedachte: die bolle wordt deze zomer 70… ZEVENTIG!
Nu is menig vader gelukkig zo oud geworden, maar mijn bijzondere, (geheel-op-)eigenwijze, bolle papa straks 70… Dat voelt wel ècht oud!

Dus, zoals het een goede dochter betaamt pink ik even flink wat tranen weg om daarna na veel wikken en wegen om 23.45u tóch (nog stiekem snikkend) te bellen: ‘Ik wilde je gewoon even horen. Je wordt zo oud…’

Héél even hoor ik z’n schrik, om dan snel genoeg weer op een verwarmend bekend en stoer mopperend gebrom over te gaan:
~
‘Ja. Oud… Ja oud ja. Ik hoop het wel! Dan ga ik nu weer slapen. Okay? Nou, weltrusten dan.’
~

En vandaag: ‘Ik nam maar op, want anders stuur je je vent natuurlijk weer middenin de nacht naar Rotterdam.’
Hij kent het scenario te goed om me nog voor gek te verklaren. Het is nooit anders geweest. ❤

⚓️
Binnenkort is die facebookende, whatsappende, snorbrommende en nog steeds liefdevol mopperende, oude bootzigeuner gewoon Z E V E N T I G ! Die móet je dan toch even letterlijk op z’n achterdek in het zonnetje zetten?
⚓️

Op Pad naar een Missie

Op Pad naar een Missie

NOS- Pleegkinderen na hun Achttiende vaak in de Knel
Verdrietige gedachte waar we al vaker tegenaan lopen èn tegenaan boksen: 

‘Gewone’, eigen kinderen zijn na hun achttiende weliswaar volwassen en voor een (hopelijk) groot deel zelfstandig, maar kunnen dan vaak nog wel rekenen op de financiële, emotionele, relationele steun en begeleiding van het netwerk dat al sinds hun geboorte hun stevige basis vormt. 

De meeste ‘gezonde’ pleegkinderen (zonder beperkingen en daarbij behorende steun en begeleiding) staan vanaf hun achttiende op eigen benen. Volledig. 

Oók als ze voor het eerst op een serieuze baan moeten solliciteren, die baan vol moeten houden, een serieuze relatie aangaan, een heftige operatie ondergaan, aan kinderen beginnen, een keer ontslagen/verslagen worden, een eigen huis krijgen, zelf moeten gaan opvoeden… 

Allemaal situaties die je bang of onzeker kunnen maken, die je in financiële onzekerheid kunnen brengen of waar je hulp of raad bij kunt gebruiken. Situaties die je niet met ‘zomaar iemand’ bespreekt of waar je ‘gewoon’ geld/hulp voor durft te vragen. Dingen die je normaal aan je basisnetwerk vraagt, omdat daar slechts een kleine drempel ligt om problemen bij neer te leggen. 

Díe basis missen deze jongeren. Waarom juist deze groep volledig loslaten zodra de papieren leeftijdsgrens van volwassenheid bereikt is?


We zijn al een tijd in ons hoofd en ons hart op zoek naar een haalbare oplossing voor dit probleem. Waarom is er geen betrokken beleid voor dit groepje jongeren dat óók onze toekomst vormt? We verlangen zó naar een veilige positieve plek voor deze groep om  na hun achttiende, online en offline, samen te kunnen komen. 

Tijdens de zwangerschap van ons eerste kindje destijds voelde ik me na lange tijd vanuit het niets weer enórm verloren.

Echt even een soort identiteitscrisis: wie ben ik, hoe word ik als ouder, hoe wil ik níet worden als ouder, wie zijn mijn ouders en wie zíe ik als ouders, wie hoort er in mijn Inner Circle en wie bel je dus wel of niet middenin de nacht als er nieuws is? Wie voelt er als ‘thuis’ en wie durf ik bijvoorbeeld in huis te laten helpen na de kraamweek? 

Allemaal vragen met soms best pijnlijke antwoorden. 

Mijn pleegzorgtijd was rumoerig, maar vergeleken bij vele verhalen toch best heel gemoedelijk te noemen. Daarbij was ik zelf geen ‘hele lastige’ en best voor rede vatbaar in die periode. 

Tijdens mijn zwangerschap was ik me heel bewust van één gedachte: als IK me al zo in de war voel, terwijl ik me gezegend voel met de mensen die me opgevangen hebben en het netwerk dat ik  deels had en koesterde, en deels zelf bij elkaar vond en bouwde: hoe was het dan voor al die ánderen waarvan ik weet dat die veel rumoeriger, soms gewoon extreem bizarre tijden meemaakten vanaf het moment dat het ‘mis ging’ thuis of vanaf het moment dat ze niet meer thuis konden wonen?

Als díe kinderen, inmiddels jongeren, zich toch aan serieuze relaties wagen, aan kinderen, een keer ontslagen worden, lichamelijke onderzoeken krijgen… Man oh man wat gaat er dan door ze heen en wat hoop ik dan altijd dat ze (inmiddels op zichzelf aangewezen) goede hulp kunnen vinden, maar zich hier vooral voor open durven stellen…

Het doet me oprecht pijn als ik aan die jong-volwassenen denk en ik zou zo graag willen dat daar een alternatief netwerk, een veilige positieve plek voor is om samen te komen. Misschien is financiële steun een te groot ideaalbeeld, maar ik geloof dan ook nog steeds fanatiek dat je met oprechte Liefde en betrokkenheid ook een heel eind kunt komen. 


Geschreven naar aanleiding van het volgende artikel: 

NOS- Pleegkinderen na hun Achttiende vaak in de Knel